Beste vrienden,
De afwas is gedaan, de koffers zijn gepakt (nou ja, twee kleine rolkoffertjes) en het afscheid van Corné en Lia is hartelijk. De KLM verwacht ons pas om acht uur ‘s avonds op het Aeropuerto de Madrid, dus we hebben nog een hele dag om stuk te slaan. Eerst herhalen we de fijne wandeling van eerder deze week door de velden. We hopen op nog meer kraanvogels, en we worden niet teleurgesteld. Het kroew-kroew is niet van de lucht, of wel, eigenlijk. Er komen weer hele vluchten over.
Dan vatten de koe bij de horens, of liever de stier (we zijn tenslotte in Spanje) en werken ons laatste programmapuntje af. Het stadje Trujillo ligt zalig te zonnen in het prille januari-zonnetje, en we studderen op ons gemakje door de nauwe straatjes van de binnenstad. Op het Plaza Mayor is een trots ruiterstandbeeld van Pizarro te bewonderen. Pizarro komt hier vandaan, en is bekend om zijn veroveringstochten in Zuid-Amerika rond 1500. Hij stichtte de stad Lima in Peru. Hij heeft Trujillo nooit teruggezien, want hij werd in Zuid-Amerika vermoord door een mede-conquistador.
Grote gedeelten van Zuid-Amerika zijn Spaanstalig, en half Noord-Amerika inmiddels ook. De bouwstijlen in Zuid-Amerika lijken erg op wat we hier in Spanje hebben gezien, maar dan mag geen verbazing wekken. In Trujillo staat ook weer een onvermijdelijk Alcazaba, met wel een erg mooi uitzicht over de omliggende heuvels.
De rit naar Madrid verloopt voorspoedig, vele Spanjaarden rijden de andere kant op, Madrid uit, het weekend tegemoet. De KLM is weer mooi op tijd, en zo kunnen wij het weekend thuis vieren.



